Onderzoeksrapport professor Wouter Dreschler AMC misleidend

22 september 2014
Auteur: Rene van der Wilk
Leestijd: 7 min

Opinie en commentaar

Kwaliteit hoorzorg wel gelijk gebleven bij lagere kosten maar zonder werkend protocol

Op de website van Zorgverzekeraars Nederland (ZN) staat een juichverhaal over het behoud van de kwaliteit van de hoorzorg terwijl de kosten aanmerkelijk zijn afgenomen. Dit blijkt uit een onderzoek uitgevoerd door het Academisch Medisch Centrum (AMC)  in Amsterdam met de naam “Effecten van de invoering van het ZN protocol”, dat geschreven is onder supervisie van professor Wouter Dreschler.  Het rapport stelt dat er een werkend protocol is ingevoerd met processtappen en een indicatieformat en dat dit in zijn volle breedte is ingevoerd en gaandeweg wordt bijgesteld. Dit zijn feitelijke onjuistheden. Er is namelijk op dit moment geen werkend protocol, laat staan een werkwijze met vaste processtappen en een indicatieformat. Van bijstelling is gedurende 1,5 jaar ook geen sprake geweest.
De suggestie die de inleiding van dit rapport wekt dat met dit onderzoek naar de kwaliteit van de hoortoestelverstrekking wordt gekeken met een werkend protocol is volgens HOorzaken misleidend en maakt des te meer duidelijk dat het hier niet gaat om een onafhankelijk onderzoek.

Tot op heden wordt er niet volgens een protocol gewerkt

Wat er nu ruim anderhalf jaar na de invoering van de functiegerichte aanspraak op hoorhulpmiddelen officieel als protocol ligt, is alleen de zogeheten Amsterdamse vragenlijst. De Amsterdamse vragenlijst inventariseert alleen de beperkingen van de slechthorende cliënt.  Er wordt daarmee vanuit gegaan dat datgene waar mensen problemen mee ervaren ook hetgene is waar ze een oplossing voor willen. Die aanname is discutabel, wat ook blijkt uit de suggestie van sommige zorgverzekeraars om ook een vragenlijst te gebruiken om de doelstellingen van de slechthorende cliënt te inventariseren, om zo tot de Human Related Intended Use te komen, dat wat de slechthorende uiteindelijk wil bereiken. Zowel de Amsterdamse vragenlijst als deze doelstellingen-vragenlijst worden niet op geprotocolleerde wijze gebruikt bij de indicatie van hoorhulpmiddelen.  Ook wordt er niet op een geprotocolleerde wijze audiometrische tests betrokken bij de indicatiestelling, wat op zijn minst vreemd is te noemen.
Van wat er al ligt als ‘protocol’ zijn geen gegevens vastgelegd door het falen van het zogeheten hoorportaal, een geautomatiseerd systeem waarmee onder meer de afname van de Amsterdamse vragenlijst zou moeten plaatsvinden en patiëntgegevens vastgelegd.

Hoe wordt er tot op heden wel een hoortoestel geïndiceerd?

U zult zich afvragen hoe er de afgelopen 1,5 jaar dan wel een hoortoestel is geïndiceerd? Nu dat gaat als volgt. De slechthorende cliënt komt bij de audicien, deze neemt een aantal hoortests af, laat op papier de Amsterdamse vragenlijst invullen waarvan hij niet te horen heeft gekregen hoe deze gescoord moet worden om tot een categoriekeuze te komen. Hij kijkt vervolgens met zijn deskundige blik naar de gegevens, doet een intake zoals hij deze ook voor de invoeringsdatum (januari 2013) deed en op grond hiervan maakt hij een schatting in welke categorie de cliënt moet komen.  Sprake van processtappen en een indicatieformat is er tot op heden niet. Het schatten in welke categorie de slechthorende moet komen doet de audicien overigens erg voorzichtig. Hij moet namelijk de vragenlijst wel opsturen naar de zorgverzekeraar. Deze kent wel de scoring van de vragenlijst. De audicien loopt daardoor het risico, dat de zorgverzekeraar hem op de vingers tikt, omdat hij een toestel uit een te hoge categorie heeft gekozen. Dat is een doemscenario voor de audicien die ondertussen zo’n 45% minder betaald krijgt van de zorgverzekeraar voor de levering en aanpassing van het hoortoestel dan voorheen. Als namelijk blijkt dat de hoortoestelcategorie volgens de zorgverzekeraar  te hoog is, moet  de audicien weer opnieuw beginnen met een aanpassing, waardoor hij zoveel tijd kwijt is dat het hoortoestel met verlies moet worden verkocht. Aan de veilige kant blijven is zakelijk gezien daarom van groot belang. Het protocol dat een startpunt zou moeten hebben vanuit een expert opinion is ander half jaar na invoering een ‘angst’ protocol geworden en heeft tot op heden geen enkele groei naar volwassenheid laten zien.

Geen sprake van een protocol of processtappen

Er wordt op dit moment dus helemaal niet volgens een protocol of vaste procestappen gewerkt, zoals in de inleiding van het AMC rapport staat. Op grond van de zojuist geschetste werkwijze waar de gegevens niet centraal van geregistreerd zijn en waardoor er geen evaluatie mogelijk is, hebben ondertussen wel ruim 200.000 slechthorenden cliënten een hoortoestel geïndiceerd gekregen.

Rapport wekt ten onrechte de suggestie de kwaliteit van de hoortoestelverstrekking met een werkend protocol te toetsen

Omdat in de inleiding van het AMC onderzoek gesproken wordt over een werkend protocol en over processtappen en een indicatieformat dat in zijn volle breedte is ingevoerd, lijkt het of met dit rapport ook de kwaliteit van deze beoogde manier van hoortoestelverstrekking wordt geëvalueerd. Duidelijk mag zijn dat dit zeker niet het geval is. Immers er is geen werkend protocol en er is ook geen sprake van vaste processtappen en een indicatieformat. Het rapport legt op geen enkele wijze de effecten vast van de functiegerichte aanspraak zoals in het rapport wordt gesteld. Immers daar is feitelijk, behalve op papier, nog geen sprake van. Het rapport is hierdoor ronduit misleidend.

AMC rapport zegt alleen iets over kwaliteitsbehoud bij lagere prijzen

Waar het onderzoek van het AMC wel iets over kan zeggen, is of de kwaliteit van de hoorzorg bij de veel lagere vergoeding die audicienbedrijven ontvangen en met de huidige ongestructureerde werkwijze al dan niet gelijk is gebleven.

Hoe onafhankelijk is dit rapport nu eigenlijk?

Met een inleiding waarin feitelijke onjuistheden staan over wat het op 1 januari ingevoerde protocol op dit moment doet en waarmee de lezer volgens HOorzaken misleid wordt,  roepen de auteurs reeds voldoende twijfel op over de onafhankelijkheid van hun rapport. De onafhankelijkheid van het rapport is sowieso discutabel, omdat juist een van de auteurs, professor Dreschler de leidende kracht is achter de ontwikkeling van het protocol. Typisch geval van de slager die zijn eigen vlees keurt. Niet kies om het belang van een zwaar bekritiseerd ‘protocol’ op deze manier te verdedigen en zo mogelijke averij te voorkomen.

Wat mag wel worden geconcludeerd?

Wat wel uit het onderzoek geconcludeerd zou kunnen worden is dat ondanks de geringere  prijs die audiciensbedrijven vergoed krijgen voor het leveren van een hoortoestel en ondanks dat er geen werkend protocol ligt, dezelfde kwaliteit van hoorzorg is geleverd.  Een knappe prestatie van audiciensbedrijven. Te voorspellen is echter dat de kwaliteit van de hoorzorg in de nabije toekomst achteruit gaat en een dergelijke prestatie niet meer geleverd kan worden.
Lees hier meer of deze conclusies gerechtvaardigd zijn.

ZN en ontwikkelaars hebben tot op heden niets met kritiek gedaan

Ondanks de kritiek op het protocol en op- en aanmerkingen op de Amsterdamse vragenlijst, is er ook geen enkele stap gezet om tot verbetering te komen. Met de kritiek die bij de stuurgroep “Horen” van ZN en ook bij de ontwikkelaars van het protocol is neergelegd, is tot op heden niks gedaan. Ondanks dat twee veldpartijen (audicien en fabrikanten) zich terug hebben getrokken uit het overleg met ZN, er ook uit internationale hoek kritiek is gekomen op het voorgenomen protocol, er rechtszaken zijn aangespannen en er zelfs vanuit audiologische gelederen aan een alternatief wordt gewerkt, lijkt ZN, met een onnavolgbaar vertrouwen in de ontwikkelaar, vast te houden aan de ingeslagen weg.  Vanuit hoortoestelfabrikanten en audiciens is er ook gewaarschuwd voor de achteruitgang in de kwaliteit van de hoorhulpmiddelenverstrekking op lange termijn.
De minister heeft indertijd de functionele aanspraak op hoorhulpmiddelen ingevoerd met het oogmerk de kwaliteit van de hoorzorg te verbeteren. Er is geen helderziende nodig om in te zien dat de huidige werkwijze niet tot kwaliteitsverbetering zal en kan leiden.

Audiciensbranche draait naar schatting minimaal 22 miljoen euro verlies

Op dit moment draaien bijna alle audiciensbedrijven met forse verliezen. Het totale verlies per jaar in de totale audiciensbranche in Nederland ligt naar schatting van insiders minimaal op 22 miljoen euro. Ondertussen is er al een flink aantal audicienswinkels gesloten en ook is er reeds een aantal zelfstandige audiciensbedrijven  ter zielen gegaan of overgenomen, terwijl anderen in een penibele financiële situatie verkeren.

Sluiting nog meer audicienswinkels verwacht

De komende jaren is sluiting van nog veel meer audicienswinkels te verwachten. Voor de bereikbaarheid zal dit zeker in druk bevolkte gebieden geen probleem geven, daarbuiten wel. Ook zal de slechthorende consument omwille van keuzevrijheid voor een bepaald merk soms moeten kiezen voor een audicien een flink eind verderop. Immers de meeste bedrijven beperken zich tot een gering aantal merken. Te hopen is dat bedrijven in de toekomst ook nog dezelfde kwaliteitsproducten kunnen blijven leveren.

Tijd voor cliënt zal gehalveerd worden

Sluitingen van niet rendabele filialen alleen zal niet voldoende zijn om uit de rode cijfers te komen. Op dit moment hebben audiciensbedrijven in vergelijking met voor de periode van de invoering de functiegerichte aanspraak op hoorhulpmiddelen in de werkwijze slechts weinig veranderd. De tijd die zij minder aan een cliënt besteden (schatting 15-20%), staat niet in verhouding met de daling van de verkoopprijzen van bijna vijftig procent. De meeste audiciens hebben zich de afgelopen 1,5 jaar nog steeds opgesteld als zorgverlener die hun cliënten zo goed als mogelijk wil helpen. Dat kan helaas niet meer uit met de huidige vergoedingen. Daar waar een audicien voorheen gemiddeld tijdens de gebruiksduur tien uur aan een cliënt besteedde, zullen zij  dit in de toekomst moeten halveren om nog enige winstgevendheid te bereiken. De tijd die aan een cliënt wordt besteed heeft een hoge correlatie met de cliënttevredenheid. De kans is groot dat deze dus gaat afnemen.

Slijtageslag voor audicienbedrijven

Waarom werken audiciens dan op dezelfde voet verder? Naar alle waarschijnlijkheid hebben sommige grotere audiciensbedrijven en/of fabrikanten de hoop dat zij de langste adem hebben en zo hun marktpositie kunnen verstevigen. Tot op heden waren het de grotere audiciensbedrijven die zich deze slijtageslag nog enigszins konden permitteren. Deze slijtageslag is voor de meeste bedrijven op den duur, en zeker voor veel kleinere zelfstandige audiciens, niet te overleven. Echter ook de grote bedrijven luiden inmiddels de noodklok. Peter Peters,  directeur van Beter Horen, geeft aan dat audiciensbedrijven overwegen de triage in 2015 weer terug te geven aan de KNO-arts, zo staat te lezen op de website skipr.nl. De tijd die aan een slechthorende cliënt besteed wordt moet omlaag om de bedrijven financieel gezond te houden.

Kwaliteitsverslechtering moet nog komen

Te voorspellen is dat de effecten van de invoering van de functiegerichte aanspraak zoals dit tot op heden heeft plaatsgevonden pas de komende jaren zichtbaar worden. De kwaliteit van de hoorhulpmiddelen verstrekking zal dan flink verslechteren en de keuzevrijheid afnemen. Misschien heeft Zorgverzekeraars Nederland tegen die tijd wel een werkend, valide en transparant protocol ingevoerd dat niet alleen op aannames is gebaseerd en zal een ieder die willens en wetens, heeft bijgedragen aan deze forse kwaliteitsachteruitgang in de verstrekking van hoorhulpmiddelen zich op zijn hoofd krabben, de ogen openen en dan eindelijk zijn trots laten varen.

 

Reacties (9)
  1. Afgezien van alle berichten in het artikel komt er nog iets opmerkelijks uit het onderzoek naar voren. De gemiddelde prijs van het hoortoestel in het onderzoek is €1040,- Dat betekent dat 90% van de toestellen uit de indicatiegroep 4-5 komen. Terwijl deze groep in werkelijkheid ongeveer 45% bedraagt van alle gebruikers. Bij zo een sterke afwijking van een controlegroep van de werkelijkheid zou je je als onderzoeker moeten afvragen hoe de selectie ontstaan is. Het is dan ook geen onderzoek maar een fabeltje. De onderzoekers hebben zichzelf in elk geval een brevet van onvermogen verschaft en kunnen bij de eventuele doorontwikkeling van het protocol niet meer als serieuze gesprekspartner deelnemen. Maar je kunt er ook nog met andere ogen naar kijken en concluderen dat alleen hoortoestellen uit de categorie 4-5 tevreden stellen. En dat is niet zo gek. De bijdrage die de gebruikers van de zorgverzekeraar krijgen voor deze toestellen is ruim 50% hoger dan in de oude situatie. Als ZN dit soort onderzoeken nodig heeft om zijn gelijk te bewijzen hou ik mijn hart vast van wat ons nog te verwachten staat in de gezondheidszorg.

  2. En zo werkt het dus. Gewoon een verhaal in elkaar flansen waarbij je eerst de uitkomst vast stelt.

  3. Juiste weergave van gang van zaken. Klachten die zijn binnengekomen zijn verzameld. Het zorginstituut heeft budget vrij gemaakt om de klachten die er zijn te onderzoeken. Klachten worden onderzocht door … PACT!
    Slager …

  4. Kan mij volledig confirmeren hiermee
    Met alle formulieren e.d. zijn wij niet minder maar meer tijd kwijt en kan er niet geleverd worden wat de slechthorende zou wensen.
    Goedkopere en efficiëntere oplossing vaste vergoeding en keuze vrijheid klant.

  5. Na een uitvoerige mail wisseling met de heer Dreschler is in tegenstelling tot mijn conclusie van zijn onderzoek dat 90% van de toestellen in categorie 4-5 zouden vallen het volgende duidelijk geworden:

    Dreschler heeft een onderzoek gepubliceerd met een ( waarschijnlijke) verdeling van 53% 1-3 en 47% 4-5 met een gemiddelde prijs van € 1040,-
    Hierbij zijn er mogelijk fouten gemaakt bij de respondenten wat betreft ingeven van de prijs. De onderzoekers hebben pas later geconstateerd dat de opgegeven prijzen niet overeen ( kunnen) stemmen met de bestaande vergoedingen.Nochtans worden daar tot op heden geen conclusies aan verbonden.

    Ik kan dan ook niet anders dan vaststellen dat de meetgegevens die gebruikt zijn maar voor 31% van de respondenten statistisch bruikbaar waren, maar met bovenstaande wetenschap moet ook dat percentage bijgesteld worden. Je kunt je dan afvragen wat de (wetenschappelijke) waarde is van zo’n onderzoek, maar je vooral afvragen welke antwoorden van de respondenten dan wel op waarde geschat mogen worden.

  6. Goed artikel. Wat nog mist is de dramatische kwaliteit van de vragenlijst. Zowel voor mezelf als voor mijn 6-jraige zoon heb ik die moeten invullen. Of hij even kan aangeven of hij de afzonderlijke instrumenten in een muziekstuk kan onderscheiden? Om maar een voorbeeld te noemen.

    Maar ook voor mezelf vond ik het een drol van een vragenlijst die voor meer dan de helft bestond uit onzinnige vragen die totaal niet aansloten bij wat ik in het dagelijks leven tegenkom en ervaar.

    Ergo, De vragenlijst dient slechts als stok voor de verzekeraars om de patienten naar een zo laag mogelijke (en dus goedkopere) categorie te slaan. wete u meteen waar die miljarden winst vandaan komen waar de kranten vandaag over schreven.

  7. Net het rapport gelezen. Er blijkt zelfs sprake te zijn van meerdere protocollen volgens de auteurs, zo is te lezen in de conclusie: ‘De resultaten van de vragenlijsten laten zien dat de doelstelling “behoud van kwaliteit tegen lagere kosten” daadwerkelijk behaald is na de invoering van de nieuwe protocollen
    in 2013.’ De titel van het rapport “Effecten van de invoering van het ZN protocol” doet zeker de suggestie wekken dat het hier om een evaluatie van het protocol gaat. Wat voor spelletje of eentweetje met de zorgverzekeraars wordt hier gespeeld over de rug van ons slechthorenden?

  8. Waardeloze vragenlijst ik ben plotsdoof aan 1 oor maar daar wordt in deze vragenlijst helemaal geen rekening meegehouden! Als een-orige zijn de meeste vragen niet relevant en andere vragen ontbreken om een goed beeld te krijgen van de problematiek! Een andere vragenlijst of een andere intake is mi echt noodzakelijk!

  9. Het is al decennia bekend dat audiologen afgunstig zijn op audiciens.(Jaloezie de métier) Het is audiologen een doorn in het oog dat audiciens ook hoortoestellen mochten voorschrijven. Tevens was er bij audiologen grote jaloezie dat audiciens daarvoor betaald kregen. Audiologen hebben daarom een ingewikkeld en niet werkend protocol opgezet in samenwerking met de zorgverzekeraars, om de verkoop van hoortoestellen aangepast door audiciens, dermate te bemoeilijken, zodat audiciens nauwelijks meer het hoofd boven water kunnen houden. Het mes snijdt aan twee kanten voor de audiologen, door een niet werkend protocol op te stellen en een plan te hebben opgezet, is a. de vrije hoortoestellenkeuze verdwenen en b. het inkomen van de audicien dermate verlaagd, waardoor audiologen het voor elkaar hebben gekregen dat zij indirect bepalen welk hoortoestel de slechthorende gaat dragen.. Het gaat de audiologen en zorgverzekeraars natuurlijk niet om de slechthorenden, dat blijkt wel weer.Het draait natuurlijk alleen om de pecunia. De audiologen hebben door bovengenoemd plan de vrije hoortoestellenkeuze aan banden gelegd, Je bent als slechthorende nu overgeleverd aan een protocol opgesteld door audiologen, die indirect bepalen welk (goedkoop) hoortoestel je krijgt voorgeschreven. Het gaat er niet om of de slechthorende tevreden is, maar het gaat erom dat de audicien niet langer bepaalt welke hoortoestellen de slechthorende mag dragen.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Meer nieuws

OPCI huiskamerbijeenkomsten vanaf augustus 2022 – Informatie over cochleair implantaten

16 augustus 2022 | OPCI (Onafhankelijk Platform Cochleaire Implantatie) organiseert de komende maanden weer huiskamerbijeenkomst bedoeld voor mensen die [...]

Verkoop brillen en hoortoestellen bij Specsavers in de lift

11 augustus 2022 | Specsavers Nederland laat weten het boekjaar 2021-2022 afgesloten te hebben met een omzet van 175,7 [...]

10 september: OPCI-contactdag in Heythuysen

17 juli 2022 | Op zaterdag 10 september 2022 organiseert het Onafhankelijk Platform Cochleaire Implantatie – OPCI – de [...]

Online CI-informatiebijeenkomst Cochlear op 31 augustus

15 juli 2022 | Wilt u meer informatie over de mogelijkheden als hoorapparaten alleen niet meer volstaan?Bent u benieuwd [...]