Ontwikkeling van het gehoor bij kinderen

Hoorproblemen bij kinderen kunnen verschillende oorzaken hebben. In dit gedeelte zal de normale ontwikkeling van het gehoor bij kinderen worden besproken. Hiermee wordt duidelijk welke effecten hoorproblemen op verschillende leeftijden kunnen hebben.

Wanneer de ontwikkeling van het gehoor bij kinderen normaal verloopt, kunnen ze al in de baarmoeder de eerste geluiden waarnemen. Dit zal zo rond de vijfde maand van de zwangerschap zijn. De stem van de moeder en haar hartslag zullen voor het ongeboren kind te horen zijn, maar ook sommige harde geluiden van buiten de buik zijn hoorbaar, al worden deze natuurlijk wel flink gedempt. Het zullen vooral de lage (harde) geluiden zijn die de foetus bereiken. Niet alleen de demping zorgt ervoor dat een kind in de baarmoeder nog niet veel van buitenaf hoort, ook het gehoor zelf is nog erg ongevoelig voor zachte geluiden. Sommige zwangere vrouwen dragen een zogeheten ‘bola’ belletje om de buik waar het kind rustig van zou worden. Ook zou het kind naar het geluid toe kunnen zwemmen. Er vanuit gaande dat de demping van het geluid zeker zo’n 40 dB  is bij de overgang van lucht naar vocht en vet, is het erg onwaarschijnlijk dat er nog iets van dit geluid over blijft in de buik. De geluidintensiteit die na deze demping resteert zal te zacht zijn om waargenomen te worden door het nog ongevoeilige gehoor van het kind.

Net als bewegen, kruipen en lopen wordt ook horen in de loop van de tijd geleerd: de ontwikkeling van het gehoor gaat stapje voor stapje. In het allereerste begin wordt geleerd of er al dan niet geluid aanwezig is. Vervolgens wordt geleerd om verschillende geluiden van elkaar te onderscheiden. Dit discrimineren van geluiden vindt plaats op de leeftijd zo tussen de 4 en 6 maanden. Denk hierbij aan het onderscheiden van geluid van een rammelaar, de mobiel boven het bed, de naderende voetstappen of de stem van mama of papa.  Het kind lijkt ook plezier te hebben in het horen van een muziekje.
In het eerste levensjaar verloopt een belangrijk deel van de ontwikkeling van het gehoor maar is dan zeker nog niet ten einde. Vlak na de geboorte zullen kinderen reflexmatig op geluiden reageren door bijvoorbeeld met de ogen te knipperen of ze wijder te openen. Wanneer geluiden zich plotseling voordoen en ook hard zijn, kan een kind ervan schrikken. Dit is vaak te zien aan de plotselinge bewegingen met armen en of benen. Ook kan het kind gaan huilen.

Nadat kinderen hebben geleerd dat er verschillen tussen geluiden zijn, leren ze betekenis aan geluiden te koppelen. Nu weten ze dat de zware voetstappen van papa zijn en de lichtere van mama. Ouders zullen merken dat hun kind begrijpt wat een bepaald geluid betekent. Het gekletter van de deksel van pannen of een piepje van de magnetron betekent dat er eten aankomt, het geluid de voordeur of de bel dat er iemand binnen komt. Het kind kan dan bijvoorbeeld die kant op gaan kruipen. Geluiden krijgen zo meer en meer identiteit. Zo rond de 2 a 3 maanden krijgt de baby ook steeds meer belangstelling voor zijn eigen stem: het kind laat de eerste kraaigeluidjes horen. Dit zijn de eerste stappen om te leren wat er met de eigen stem mogelijk is.
Langzamerhand leren kinderen ook taal te begrijpen. Vanaf zo’n 7 maanden krijgt gesproken taal meer invloed en begint het brabbelen. Zodra kinderen de klank van woorden gaan nadoen kan geconcludeerd worden dat het kind spraak hoort. Dat wil natuurlijk nog niet zeggen dat ze de woorden ook daadwerkelijk begrijpen.
Kinderen leren ook steeds beter geluiden te plaatsen in de ruimte: waar komt een geluid vandaan en op welke afstand bevindt het zich.  Het kunnen zien van voorwerpen en mensen speelt daarbij een belangrijke rol. Op de leeftijd van ongeveer drie tot vier maanden maakt het kind soms al een draaibeweging met het hoofd in de richting van het waargenomen geluid. Dit is het prille begin van het zogeheten lokaliseren. Wanneer een kind zo rond de leeftijd van acht maanden is, treedt de zogenoemde ‘zoekreflex’ op: als een geluid zich plotseling voordoet en het kind hoort dit dan zal het in een reflex het hoofd draaien in de richting van het geluid.

Met het gehoor staat het kind permanent in verbinding met de buitenwereld. Het kind raakt steeds vertrouwder met allerlei geluiden en het horen van bepaalde geluiden kan ook het gevoel van nabijheid en daarmee veiligheid geven.

De ontwikkeling van het gehoor van kinderen loopt door tot in de pubertijd. Het leren verstaan van spraak is een voorbeeld van een proces dat aardig wat jaren in beslag neemt. Hierbij is het kunnen onderscheiden van verschillende klanken erg belangrijk. Kinderen hebben om goed te kunnen verstaan vaak een ‘schoner’ spraaksignaal nodig om goed te kunnen verstaan dan volwassenen. Zeker als de informatie nieuw en ingewikkeld voor ze is. Het is daarom van belang dat spraak voldoende boven het niveau van het achtergrondlawaai uit komt. In klassen met veel leerlingen kan dit nog wel eens een probleem vormen. Informatie moet niet alleen gehoord en verstaan worden maar ook gekoppeld worden aan bestaande informatie en opgeslagen in het geheugen. Het (net) kunnen verstaan en het kunnen nazeggen van spraak wil nog niet zeggen dat spraak luid genoeg is voor een kind om het ook optimaal te kunnen verwerken. In het buitenland worden daarom in grote klassen vaak geluidsinstallaties gebruikt die de spraak van de leraar of lerares extra versterken. In Nederland wordt dit helaas nog weinig toegepast. Volwassenen die een onbekende vreemde taal willen leren, lopen overigens tegen soortgelijke problemen aan: om de vreemde taal goed te kunnen verstaan in geroezemoes moet deze harder zijn dan het niveau waarop van moedertaal te verstaan is. Om één stem uit een kakofonie van geluiden of stemmen te selecteren is het van belang dat een kind over twee goed horende oren beschikt. Dit maakt het verstaan een stuk makkelijker.

Een goed gehoor is dus belangrijk voor de ontwikkeling van de taal en ook voor het goed leren praten. Als een kind niet goed leert praten, heeft dat meestal ook grote gevolgen voor de ontwikkeling. Immers een kind heeft namelijk taal nodig om op school te kunnen leren en om sociale contacten te leggen.